"Besparen op wijkgezondheidscentra doet uitstel gezondheidszorg toenemen"

26/9/2017
Sinds november 2016 kunnen patiënten in Herentals terecht bij het Wijkgezondheidscentrum. Een wijkgezondheidscentrum biedt gratis zorg en werkt volgens een forfaitair systeem. Dat betekent dat artsen niet betaald worden per prestatie, maar een vast bedrag ontvangen per ingeschreven patiënt. Voor de patiënt zelf valt elke financiële drempel weg. Bovendien bieden wijkgezondheidscentra multidisciplinaire zorg aan. Naast huisartsen zijn er vaak verpleegkundigen, kinesitherapeuten, tandartsen, psychologen en maatschappelijk werkers aan de slag. Zo kunne ze makkelijk en zonder financiële drempel doorverwezen worden. Het Wijkgezondheidscentrum in Herentals wil op termijn ook naar dat model evolueren.

“Maar momenteel is dat niet mogelijk”, zegt coördinator Kris Van Houdt. Minister de Block heeft alle erkenningen opgeschort tot er een audit komt van de bestaande centra. Jammer, want zo kunnen we onze rol nog niet ten volle spelen. Toch werken we ook nu al zeer laagdrempelig. Voor patiënten met recht op verhoogde tegemoetkoming laten we het remgeld vallen. Ook als de patiënt aangeeft financiële moeilijkheden te hebben, houden we daar rekening mee.”

Een heel bewuste keuze om zich als wijkgezondheidscentrum niet uitsluitend op kansarme patiënten te richten. “Dat is een principiële kwestie”, zegt arts Irma Kemper. “We willen geen aparte gezondheidszorg voor mensen in armoede. Iedereen is welkom bij ons.”

Tekort aan huisartsen 

Aanvankelijk reageerden de andere huisartsen in Herentals niet erg enthousiast. Kris Van Houdt: “Wij zouden patiënten wegleiden, oneerlijke concurrentie zijn, …. Het zijn reacties die wijkgezondheidscentra wel vaker krijgen wanneer ze opstarten. De realiteit is dat er in Herentals net een tekort is aan huisartsen. Ondertussen hebben we met het gros van de collega’s een goede relatie uitgebouwd. Artsen met een patiëntenstop verwijzen zelfs door naar ons.”

Ondertussen is het patiëntenaantal bij het wijkgezondheidscentrum sterk gegroeid, in minder dan een jaar tijd.. “Het bewijst dat hier wel degelijk nood is aan betaalbare, kwaliteitsvolle zorg”, zegt Irma Kemper. 1 op 2 patiënten heeft recht op verhoogde tegemoetkoming..” Herentals heeft een relatief grote populatie mensen met een laag inkomen. Voor hen is een wijkgezondheidscentrum vaak het verschil tussen wel of niet naar de huisarts gaan.

Besparen op wijkgezondheidscentra is duurder voor de ziekteverzekering

Daarom is de stop die minister De Block ingelast heeft, zo onbegrijpelijk. “Het is niet alleen de stop, er is ook al behoorlijk bespaard op wijkgezondheidscentra”, zegt Kris Van Houdt. “Koppel dat aan het tekort aan huisartsen in verschillende regio’s en je zult merken dat mensen nog meer dan nu doktersbezoek zullen uitstellen. Op termijn zal dat de ziekteverzekering net meer geld kosten. Wie niet tijdig naar de huisarts gaat, krijgt een ernstiger ziektebeeld en zal uiteindelijk meer zorg en duurdere therapie nodig hebben. Dat is duurder, zowel voor de patiënt als voor de samenleving.”

“Bovendien werken wij in ons wijkgezondheidscentrum, net zoals in andere, heel sterk rond preventie. De kost die je daarmee uitspaart, is niet zo makkelijk te berekenen, maar wel heel reëel. Wat minister De Block nu doet, is een besparing doorvoeren die er geen is. We gaan hier allemaal de prijs voor betalen.”

Op eigen kracht verder

Het wijkgezondheidscentrum in Herentals kwam er met steun van de provincie en van de stad. Een eerste subsidieschijf liet ons toe om op te starten. De tweede schijf komt er wellicht niet meer, door de vertraging die we opliepen na de aankondiging van minister De Block. Eind dit jaar zijn de provincies immers niet meer bevoegd voor welzijns en verdwijnt het budget dat ons beloofd was. De provincie kan ons gewoonweg niet langer steunen. Jammer, maar we hebben ondertussen beslist om toch op eigen kracht verder te gaan. Voorlopig niet in het forfaitaire systeem, maar wel met een zeer lage financiële drempel. Extra middelen zouden ons toelaten om ook te investeren in andere disciplines, zoals kine of tandzorg, maar dat moeten we voorlopig uitstellen. In ieder geval hopen we op termijn een verpleegkundige en een maatschappelijk werker aan te werven om onze patiënten extra te ondersteunen.”