Mensen in armoede worden voortdurend geconfronteerd met vooroordelen. Ze willen niet werken, hebben de nieuwste gsm, staan met een mooie auto voor de deur van hun sociale woning, ... . Op deze blog doorprikken we die vooroordelen met verhalen en voorbeelden uit de praktijk. Verhalen die de dagelijkse strijd om te overleven van mensen in armoede heel tastbaar maken. De blog moet leiden tot meer respect en luisterbereidheid tegenover mensen in armoede.

Nieuws

Rugletsel kostte Debbie haar job, haar inkomen en uiteindelijk haar eigenwaarde

Rugletsel kostte Debbie haar job, haar inkomen en uiteindelijk haar eigenwaarde

15/05/2017
Ik ben Debbie.

Alleenstaande moeder  - met nadruk op alleen.  Vader is uit beeld dus uit die hoek heb ik nooit geen opvoedkundige of financiële steun gehad.
Ik heb een getuigschrift beroepsonderwijs. Op school hoorde ik er nooit bij.  Ik heb van mijn 21 tot mijn 40 gewerkt als poetsvrouw. Ik had het niet breed maar ik kwam rond.
 
Toen werd ik ziek (ik kreeg last van mijn rug, heb voortdurend  pijn , lang rechtstaan of wandelen lukte me niet meer).  Dus ik moest op ziekenkas: inkomen naar omlaag, kosten voor de dokter en de apotheker omhoog.
Miserie – ik kon er niet mee lachen, het werd alsmaar moeilijk om rond te komen, zeker met een opgroeiende dochter in huis.
 
Na enkele jaren invaliditeit besliste de medisch adviseur dat ik opnieuw aan het werk moest.  Dat was onmogelijk, ik kon amper mijn huishouden beredderen en heb een gezinshulp die echt nodig is.  Ik vond geen werk en ik kon niet gaan stempelen.  Ik ben in beroep gegaan tegen de beslissing van het Riziv en kon in afwachting van een uitslag  ‘genieten’  van een leefloon. Ik kwam ook onder schuldbemiddeling – want door de hele molen is mijn krappe  financiële toestand nog meer  in de soep geraakt.
Nog meer miserie en vooral afhankelijkheid.  Ik werd klant van het OCMW en moest voor elke stap of uitgave bij hen terecht.
 
Mijn beroep bij het RIZIV werd afgewezen. Ik kwam definitief onder het OCMW en ook daar bleef men aandringen om werk te zoeken.  In afwachting kreeg ik per uur vrijwilligerswerk 1 euro uitbetaald boven op mijn leefloon.
En toen werd mijn  dochter 18.  Mijn leefloon als gezinshoofd  werd opgesplitst in een leefloon als samenwonende voor mij en een zelfde deel voor mijn dochter.  Een geluk dat we goed overeenkomen en dat we samen vechten om het einde van de maand te halen.  Maar het werd moeilijker om haar een uitgave te weigeren.

Op het einde van de maand hebben we hetzelfde bedrag maar toch is dit  opnieuw miserie.  Voor het betalen van de rekeningen en voor de rest van het gezinsbudget word ik voor de  helft afhankelijk van mijn dochter.
 
Mijn dochter beëindigde haar school (buitengewoon onderwijs).  Het kindergeld viel weg – opnieuw een serieuze streep door mijn rekening.  
De eerste conflicten kwamen boven water want steeds vaker moest ik nee zeggen en het wordt steeds moeilijker om het einde van de maand te halen.
 
En dan kan mijn dochter gaan stempelen.  Zij moet een uitkering vragen als gezinshoofd.  Haar inkomen ligt iets lager dan het leefloon dus ik heb het geluk om nog voor 19 € een aanvulling leefloon te krijgen.  Niet veel maar het maakt op het einde van de maand meer dan eens het verschil en ik heb toegang tot enkele kortingen en voordelen.  Ik blijf 1 euro krijgen voor elk uur vrijwilligerswerk dat ik doe.

De miserie zit nu niet in mijn portemonnee maar treft mijn trots als moeder.  Mijn eigenwaarde staat onder druk. Eigenlijk ben ik afhankelijk van mijn dochter. Ik heb het gevoel dat ze mijn uitgaven controleert en al komen we goed overeen, ze durft ook commentaar te geven.
 
Ik vrees de dag dat ze werk vindt. Als ze meer verdient dan het leefloon heb ik niets meer van mezelf en ben ik helemaal afhankelijk.  Een goedkoop abonnement, geld voor medicijnen …alles zal via haar loon moeten gaan. Geld moeten vragen aan je kind, ik wens het niemand toe.  Je voelt je klein. Mijn positie als moeder staat onder druk.  Ik blijf ook zelf werk zoeken, maar er zijn dagen dat ik amper de deur uit kan.
Ik kom vast te zitten. Ik word helemaal afhankelijk zolang ze bij mij is.  Maar ik kan mijn dochter niet wegsturen want ze is nog niet klaar om alleen te wonen.

Ik wil het ook niet: je zet als moeder je kind niet aan de deur.  
Lees meer over "Rugletsel kostte Debbie haar job, haar inkomen en uiteindelijk haar eigenwaarde"
Kafka online

Kafka online

9/05/2017
Wat als je gsm én internet afgesloten wordt omdat je factuur naar het verkeerde adres werd gestuurd? En wat als je daarop een pre-paidkaart aanschaft die moet geactiveerd worden? Online natuurlijk! Of dat had je gedacht. George, bezoeker bij onze vereniging De Zuidpoort in Gent, kwam via het internet recht in Absurdistan terecht.

Lees hier zijn verhaal.
Lees meer over "Kafka online"
"Voortdurend vechten voor waar je recht op hebt, daar wordt een mens moedeloos van"

"Voortdurend vechten voor waar je recht op hebt, daar wordt een mens moedeloos van"

7/03/2017
“Dankzij Vierdewereldgroep Mensen voor Mensen weet ik waar ik recht op heb en waar ik terecht kan voor hulp, en nog is het een dagelijkse strijd om mijn rechten toegekend te krijgen. Op de lange duur word je daar moedeloos van.” Dat zegt Emily*, van Congolese origine en trouwe bezoeker van de Vierdewereldgroep in Aalst.
 
Bij het (niet) toekennen en respecteren van rechten is racisme nooit ver weg. Zo kreeg ze vorig jaar een deurwaarder aan de deur voor schulden die haar ex-partner gemaakt had. “Mijn twee oudste kinderen waren naar school. Mijn jongste, toen 6 maand oud, schrok wakker van het gebonk op de deur. Toen ik opendeed, wilde hij onmiddellijk binnenkomen om de inboedel op te schrijven. Ik vroeg hem naar een schriftelijk bewijs, maar dat weigerde hij te tonen. Het ging blijkbaar om mijn ex, maar die woonde al een tijd niet meer bij mij. De deurwaarder had er geen oren naar en bedreigde mij zelfs verbaal. Toen heb ik in paniek naar Loes gebeld van de Vierdewereldgroep. Ondertussen had de deurwaarder de politie gebeld. Ik kreeg nog allerlei racistische verwijten naar het hoofd geslingerd. Dat het altijd hetzelfde is met die Afrikanen, domiciliefraude plegen, de boel belazeren. Terwijl ik de bewijzen had dat ik daar alleen woonde met mijn kinderen.” Uiteindelijk is de deurwaarder onverrichter zake moeten afdruipen. Er is nog klacht tegen hem ingediend, maar die bleef zonder gevolg (we kregen wel een reactie terug van de deurwaarder maar er werd verder niets mee gedaan. De ex betaalde uiteindelijk de schuld en ze hoorde er niets meer van). Emily is inmiddels verhuisd en loopt niet langer het risico om deurwaarders over de vloer te krijgen.
 
Ze kampt wel nog met eigen schulden. “Veel financiële ruimte is er nooit geweest. Huurprijzen liggen hoog hier in Aalst en het is heel moeilijk om een degelijke woning te vinden.  Vroeger woonde ze in een appartement in slechte staat. “Nu is mijn woning een stuk beter, zegt ze. “Maar dat brengt me dan weer in financiële problemen.” Ze heeft een invaliditeitsuitkering van €1200, maar moet maandelijks €710 huur betalen en €107 voor gas en elektriciteit. Daar komt nog eens een schuldafbetaling van €50 bij. Ik hou dus bijna niets over om van te leven met mijn kinderen. Een sociale woning is nog niet voor morgen, aangezien ik in een degelijk appartement woon. Pas als ik in een krot zou wonen en het onbewoonbaar verklaard wordt, zou ik sneller naar boven kunnen schuiven op de wachtlijst.”
 
Lange moeilijke weg
 
Emily botste bij het Ocmw voortdurend op een muur van onbegrip en onverschilligheid. Een uitkering werd haar botweg geweigerd, hoewel ze duidelijk in precaire omstandigheden, als alleenstaande moeder, moest overleven. Uiteindelijk kreeg ze wel een invaliditeitsuitkering, maar die bleef extreem laag zolang haar ex bij haar stond ingeschreven (zonder dat hij er effectief woonde). “Dat sleepte zeer lang aan, zodat ik me uiteindelijk bij de situatie moest neerleggen. Het Ocmw heeft mij echt in de steek gelaten op dat moment. Helaas zie ik in mijn omgeving zeer veel mensen die op dezelfde manier behandeld worden.”
 
Het is nog altijd een lange moeilijke weg om haar uitkering verlengd te krijgen. Emily is op haar 18de beginnen werken in de zorgsector. Tot ze in 2010 problemen kreeg met haar heup en rug. “Ik zou niet liever willen dan werken, maar fysiek is het momenteel onmogelijk. En toch is het telkens een gevecht om dat te bewijzen.”
 
“Mijn huidskleur speelt altijd in mijn nadeel,” zegt ze daar zelf over. “Soms openlijk, soms heel subtiel.” In principe heeft ze recht op sociaal tarief voor haar energie, maar het blijkt heel moeilijk om dat toegekend te krijgen. “Hoewel ik er recht op heb, maar ik moet mij altijd dubbel bewijzen.”
 
Uitpas
 
Veel overschot heeft ze niet met haar uitkering. “Ik moet helaas heel vaak nee zeggen tegen mijn kinderen. Nee tegen cadeautjes, nee tegen feestjes. Dat doet pijn. Gelukkig kan ik hier bij de mensen van de Vierdewereldgroep terecht. Het geeft mij het gevoel dat ik er niet alleen voor sta. Dat er iemand is die mij blijft steunen, ook als ik zelf de moed verlies. Dat heb ik echt broodnodig. Ik kom hier graag, om te haken, om mensen te zien. En af en toe een uitstap met de kinderen via de Uitpas.  Zo kan ik hen toch eens iets gunnen. Op dat vlak heb ik nog geluk. Veel andere mensen krijgen geen begrip, geen ondersteuning. Zij staan er echt helemaal alleen voor.”
 
Haar schulden betaalt Emily nu geleidelijk terug. “Ik weiger wel nog contact met incassobureaus of deurwaarders. Met wat zij extra aanrekenen, wordt de put alleen maar dieper. IK heb bijvoorbeeld nog een schuld openstaan bij Telenet. Die betaal ik stelselmatig af, maar deurwaarders komen hier niet binnen. Dan zou mijn factuur al een veelvoud bedragen van wat ik nu moet afbetalen. IK heb dat ook aan Telenet laten weten en voorlopig lukt het op die manier.”

*Om de privacy te beschermen is Emily een schuilnaam.
Lees meer over ""Voortdurend vechten voor waar je recht op hebt, daar wordt een mens moedeloos van""
Van hulpverlener naar hulpvrager: wat doet dat met een mens?

Van hulpverlener naar hulpvrager: wat doet dat met een mens?

17/02/2017
Het tij kan keren. En snel. Het ene moment heb je een comfortabel leven met een nieuw samengesteld gezin met drie kinderen, twee auto’s , dubbel inkomen ,huis, vakantie, kadootjes, extra’s noem maar op . Tot er een steentje van het dominospel valt als een donderslag bij heldere hemel.
 
Ik ben Jasmine*, 42 jaar, moeder van drie prachtige kinderen , maatschappelijk assistente. Tot de dag waarop ik het maatschappelijk accident werd. Ik verloor mijn job, een maand later mijn relatie, daarmee samenhangend mijn huis en mijn financiële zekerheid en ook bijna mijn kinderen . Bovenal verloor ik nog hetgeen me het meest dierbaar: mijn waardigheid, mijn eigenwaarde.
 
Daar sta je dan. Geen houvast , geen strohalm , geen helpende hand, in hoogste nood kent men zijn vrienden. Het waren er gelukkig drie die me de moed gaven om door te gaan. Ik heb ook beroep gedaan op professionele hulp. Daar zit je dan met je tonnen ervaring zelf in de penarie. Het is een drempel die je over gaat maar deze drempel was echt de moeite waard om te nemen. Het maakt me tot de sterke persoon die ik vandaag geworden ben.

Je rechten kennen
 
Wat ik als voordeel had (als maatschappelijk werker), is dat ik de sociale kaart, de ocmw-wetgeving, alle rechten die je als persoon in dit land kan uitputten, ken. Die had ik dan toch meegenomen in mijn lege reiskoffer. Ik kende mijn rechten. Voor anderen moet het veel moeilijker zijn om op te komen voor zijn of haar rechten als je ondergedompeld bent in de miserie. En niet iedereen is mondig of heeft op zo’n moment energie om voor zichzelf op te komen.
 
De reis aanvatten was als een Mount Everest beklimmen. Vertellen aan de persoon aan de andere kant van het loket of de tafel dat je maatschappelijk assistente bent die nu zelf in de penarie zit, daar had ik alvast enorm veel lef voor nodig. Het gevoel van zie je wel ‘ ik ben gefaald’, ‘ik kan het niet’, ‘ het zal wel allemaal mijn schuld zijn’, dat overmeestert je. Zelfs al probeert die vriendelijke assistent aan de andere kant van de tafel je te zeggen dat het niet zo is. Het zijn de omstandigheden die gemaakt hebben dat je hier nu zit. Ook ik ben in tranen uitgebarsten tijdens het eerste gesprek. En later nog meerdere keren. Ze lijken niet te voelen hoe ik me nu voel, die hulpverleners. En toen ik zelf nog in mijn hulpverlenerspak zat, deed ik nog zo mijn best om de mensen aan de overkant te verstaan. Je verstaat het pas echt als je er zelf geweest bent.

"Wij kunnen u niet helpen"
 
Het verhaal verstaan ging dan nog tamelijk vlot, maar ingaan op mijn hulpvraag, dat was een ander paar mouwen. Mevrouw, gezien uw situatie kunnen we het niet beter doen dan dat u het nu al doet, we kunnen u dus niet helpen. Tot driemaal toe ben ik gaan vragen om budgetbeheer op te starten omdat ik met mijn minimumuitkering er totaal niet uit kwam. Mijn ervaring in de sector zei, zorg dat je geen grotere putten maakt, want om daar uit te geraken, is een lange weg. Noodgedwongen was er geen andere keuze dan om collectieve schuldbemiddeling aan te vragen.
 
Ik hoor het mijn assistent nog zeggen: “Je gaat veel geruster zijn en je gaat geen vervelende post meer krijgen enzovoort. Met een bang hart ben ik eraan begonnen. De opstartprocedure duurde maar liefst drie maanden in plaats van drie weken. En toen kwam mevrouw de schuldbemiddelaar op huisbezoek om een inventaris te maken van mijn inboedel. Een advocaat komt op bezoek, dus ik zorg dat mijn huis netjes en aan de kant is dat er koffie klaar staat en koekjes in huis zijn. Van inventaris maken was er zo goed als geen sprake, vanop haar stoel en met uitgestreken gezicht stuurde ze mij mijn huis door om na te gaan van welk merk mijn volgens haar grote flatscreentelevisie is. Mijn flatscreentelevisie is
eigenlijk derdehands en van een oud model.

Andere taal
 
Mevrouw had ook het fantastische idee om mij met mijn drie kinderen op een tweeslaapkamer-appartement te laten wonen, “want dat is goedkoper dan de huur die je nu betaalt”. Niet beseffende dat mijn enthousiaste , luidruchtige kinderen en ik daar niet bepaald gelukkig zouden worden. Maar ook niet beseffende dat ik dan ook nog eens een waarborg zou kwijtspelen en er opnieuw een zou nodig hebben. Op lange termijn was dit volgens haar beter. Dan wilde ze ook mijn 12 jaar oude auto die ik cadeau kreeg van mijn moeder doen verkopen. Terwijl mijn kinderen 20 kilometer verderop op school zitten en hun hobby’s hebben wegens een co-ouderschapsregeling. Bovendien was ik toen ook volop aan het solliciteren om terug aan de andere kant van de hulpverlenerstafel te mogen gaan zitten, waar je werkgever verwacht dat je een auto hebt om huisbezoeken af te leggen. Volgens mevrouw de bemiddellaar zijn er heel veel mensen die met de bus naar het werk gaan, hoor. Ook als ze alleenstaande moeder zijn met een kleuter van vier die 20 kilometer verderop op school zit en helaas niet zelfstandig de bus kan nemen. Het leek wel alsof ik alleen stond te roepen in een vallei en de echo weerkaatste in mijn oren. Ik denk dat die
mevrouw een andere taal spreekt dan de mijne.
 
Mevrouw de bemiddellaar vond het belangrijk dat ik bij het OCMW budgetbeheer zou Aanvragen. Dat dit mij al drie keer geweigerd werd, was ook Chinees voor haar. Ok, ik ga nogmaals, geen probleem.

Bonnetjes bijhouden
 
Ik moest vanaf nu alle rekeningen aan haar bezorgen, alle inkomsten aan haar geven, bonnetjes bijhouden, en sollicitatiebrieven voorleggen. Ik had bonnetjes bij de vleet, sollicitatiebewijzen ook, maar die vond ze dan toevallig niet terug in diezelfde enveloppe waar de rekeningen en bonnetjes inzaten. Het waren maar 30 brieven per maand, hoor, mevrouw de bemiddellaar. Na een maand geeft mevrouw de bemiddellaar het op , ik wil niet meewerken, ik doe geen moeite, ik werk tegen en ik heb veel uitgaven. Ze sleepte me voor de rechtbank. Dat zij en ik geen vriendinnen waren, hoef ik u niet te vertellen.
 
Het intensieve solliciteren bracht me dan toch eindelijk op mijn huidige job. Net de dag voor ik op de zitting voor de Arbeidsrechtbank mocht verschijnen, had ik een contract in handen bij het Rode Kruis. Mijn pro deo heeft dat nog eens extra in de verf gezet in de rechtszaal. Zaak uitgesteld omdat ik heb laten zien dat ik toch wel moeite doe. De betichtingen die ik kreeg, waren allemaal op papier te weerleggen. Wat mijn pro deo advocate ook netjes deed. Nadat ik ook daar een hele discussie heb mogen voeren over de manier waarop mevrouw de bemiddellaar mijn dossier zo mismeesterd had. Hetgeen ik al twee jaar probeerde in balans te krijgen. Ik had in die periode nog meer achterstallen dan toen ik het zelf deed, onbetaalde verzekeringen, rekeningen die echt voorrang nodig hadden, liet ze liggen, noem maar op. Wat de pro deo advocate me wel leerde is dat een rechter en een advocaat niet denken met hun hart maar met de wet. En plotsklaps verstond ik dat onze wetten dan ook echt Chinees zijn.

Voltijds aan de slag
 
Momenteel ben ik voltijds aan de slag in een noodopvangcentrum van het Rode Kruis waar ik met vluchtelingen werk. Het OCMW vormt de buffer tussen mij en mevrouw de bemiddellaar en het gaat goed. Mijn maatschappelijk assistent en ik, wij verstaan elkaar .  De enige wetenschap die ik heb is dat ik in 2023 echt ga klinken op mezelf en trots zijn dat ik dit helemaal alleen doorstaan heb. Het is zeker niet fijn dat iemand anders altijd in jouw portefeuille zit. 

Ode privacy van betrokkene te beschermen, is Jasmine een schuilnaam.
Lees meer over "Van hulpverlener naar hulpvrager: wat doet dat met een mens?"
"Wie de kans krijgt op een haalbare job, die wil absoluut werken"

"Wie de kans krijgt op een haalbare job, die wil absoluut werken"

31/01/2017
Eerst werkte ik bij Ludwina-stichting in Mol bij de groendienst. Ik kreeg door het werk te kampen met pijn in mijn nek, in mijn handen en een hernia. Ik ben toen medisch ontslagen en zat voor een jaar thuis wegens ziekte.
Nadien zei het ziekenfonds dat ik terug moest uitkijken voor werk. Ik ging aankloppen bij de VDAB. Zij verwezen me door naar GTB arbeidszorg. Er werd gevraagd of ik interesse had om bij het fietsenatelier te starten maar omdat de begeleiders zichzelf eerst moesten bijscholen voor elektrische fietsen omdat toen de vraag hiernaar steeg kon ik daar niet starten.
 
Ik ben toen gestart bij Nike voor vzw De Sprong. Ik werkte er anderhalf jaar.
Ik stond aan de machine waar schoenen verwerkt werden tot andere materialen zoals speelgoed (hard speelgoed zoals schommels, glijbanen,…)
Van het rubber werden sportmatten gemaakt. Dit voor de ondergrond van sportvelden en voetbalvelden. Ik werkte daar op maandag een halve dag, en dinsdag en donderdag hele dagen.
 
Nadien zijn De Sprong en het fietsenatelier gefusioneerd. En ik sprong een gat in de lucht omdat ik zo kon starten bij het fietsenatelier te Mol en dit was aanvankelijk mn eerste keuze.
In het fietsenatelier moest ik eerst fietsen uit elkaar halen. Zo begint iedereen.
Zo leer je de benamingen van de fietsonderdelen. Alles wat eraf kan gaat eraf. Wat goed is wordt gepoetst en in het atelier gelegd. Als je dit goed kan, word je ingezet voor de opmaak.
Ik heb in het fietsenatelier al veel bijgeleerd bijvoorbeeld over de grootte van wielen.

Ik werk heel graag bij het fietsenatelier. Ik ga met plezier werken!
Ik vind het heel belangrijk dat ik kan gaan werken. Je legt contacten, leert mensen kennen.
Je hebt iets om handen, je beweegt.
Als je thuis bent, verveel je je. Op den duur kijk je alleen nog maar TV….
 
Voor mij is het een echte kunst om een fiets helemaal in elkaar te kunnen steken. Ik sta ervan versteld hoe handig fietsenmakers zijn. Bij de fietsenmaker stelt het precies niks voor maar nu weet ik hoeveel werk het allemaal is. Want elke fiets is anders….
 
Mijn oproep aan de gemeentebesturen is dat ze blijven investeren in gelijkaardige projecten om mensen kansen te geven op de werkvloer.
Lees meer over ""Wie de kans krijgt op een haalbare job, die wil absoluut werken""
"Armoede is voortdurend leven met schrik"

"Armoede is voortdurend leven met schrik"

20/01/2017
Ik leef mijn hele leven al met schrik. Ondertussen ben ik al veel gegroeid, maar ik kom van ver.

Als kind was het niet gemakkelijk thuis. Mijn vader dronk veel en was zeer agressief. mijn moeder moest het vaak bekopen. En ik ook... Als ik hem 's nachts hoorde thuiskomen, sloop ik soms in mijn pyjama op blote voeten weg naar mijn grootmoeder, die wat verder woonde.

Mijn broer, die had een heel andere reactie. Hij reageerde niet met angst, maar met nog meer agressie. Ik heb nu niet veel contact meer met hem. Met mijn moeder had ik wel een goede relatie. Ze had het ook niet gemakkelijk. Ze werkte in de Innovation in Brussel, maar we konden moeilijk rondkomen omdat mijn vader niks afgaf en alles opdronk. Maar mijn moeder, die was er altijd voor mij en mijn broer en we hadden veel steun aan elkaar.

Toen ze 60 jaar was, gingen wij nog samen in Brussel dansen! Maar dan werd ze ziek, en ze wilde niet naar een rusthuis. Maar ik sliep zelf op een matras op de grond en ik kon ze daar natuurlijk niet bijleggen. Dat deed wel pijn, dat ik niet voor mijn moeder kon zorgen.

Ze verbleef dan bij mijn broer. Maar zijn vrouw moest van mij niet hebben, waardoor ik mijn moeder maar om de 3 maanden mocht zien. Ze had dan wel een hoge telefoonrekening, want mijn moeder belde mij vier keer per week!

Toen ze drie jaar geleden overleed, heeft mijn broer de begrafenis moeten regelen. Met 50 euro leefgeld kan je natuurlijk geen waardige begrafenis betalen. Opnieuw dat gevoel, die pijn dat ik niet voor haar kon zorgen.

Mijn angsten, die draag ik heel mijn leven mee. Vroeger kon ik dat geen plaats geven, als kind ben ik nooit naar de psycholoog geweest. Nu draag ik daar nog altijd de gevolgen van. In het Centrum Geestelijke Gezondheidszorg (CGG) hebben ze besproken wat ze voor mij konden doen. 'Niks', was het besluit. 'Jij gaat altijd angsten blijven hebben, we kunnen niks meer voor je doen.'  Ze hebben mijn dossier afgesloten.

Maar daarmee heb ik nog niks afgesloten. Het voelt nog altijd alsof mijn moeder gisteren gestorven is. Als ik 's nachts droom, zie ik haar op bed zitten of in het crematorium liggen. Ik zie dat allemaal voor mij. Dat gaat niet vanzelf weg. Het Mobiel Team van het psychiatrisch centrum neemt het wel voor mij op. Ze hebben aan het Caw laten weten dat ik een psychologe nodig heb. Volgens hen zit ik nog altijd in het rouwproces, heb ik dat nog geen plaats kunnen geven.

IK ben niet iemand die veel drinkt. Mijn broer, die drinkt dat van zich af. Maar dat lost natuurlijk niks op, dat steekt alles gewoon nog dieper weg. Ik heb nog een lange weg te gaan, ik voel dat er nog veel van die schrik in mij zit. En dat ik die in kleine stapjes moet overwinnen.

Mijn ex-vriend was niet goed voor mij, maar ik durfde niet bij hem weggaan. Uiteindelijk heeft mijn Ocmw-assisten mij geholpen. Ze overtuigde me ervan dat ik moest verhuizen. Ik moest mijn vriend onderhouden met het weinige leefgeld dat ik had, dat was niet houdbaar. Ik ben samen met haar naar de politie gegaan. Ik had zoveel schrik van zijn reactie als ik zou vertrekken. Ze hebben hem gezocht, maar ze vonden hem niet. Hij was daar niet meer, maar zijn adres bleef daar wel staan. Er zijn daardoor veel moeilijkheden gekomen voor de volgende bewoners.

Mijn ex-vriend heeft mij opgezadeld met een heleboel schulden. Hij had alles op mijn naam gezet, en nooit de huur en andere kosten betaald. Ik zit daardoor nog altijd in schuldbemiddeling.

Het mobiel team van de psychiatrie heeft mij nu geholpen met de papieren om een sociale woning aan te vragen. Nu zit ik nog op een studio, met één kamer en een badkamer. De helft van mijn inkomen gaat naar huur. Als ik een sociale woning zou hebben, zou ik wat meer leefgeld kunnen krijgen. Wat meer kunnen 'leven'.

Ik krijg nog altijd maar  euro leefgeld. Daar kun je niet veel mee doen. Mijn was bijvoorbeeld, zeep kopen, naar de wasserette, ... Ik kan dat niet meer betalen. Zó een hoop was ligt er bij mij, dat is niet te doen. Zeker nu is het moeilijk om er te geraken. Alles is op elektriciteit bij mij. En ik heb maar  euro op mijn budgetmeter om te verwarmen, te koken, ...Dat zit er heel snel door in de wintermaanden.

Als ik niet genoeg budget heb, zit ik soms volledig zonder elektriciteit. Een paar maanden geleden had ik dat voor. Geen licht, geen kookvuur, niks. Ik had overschot van de barbecue van het buurthuis meegekregen. Mocht Sonia niet gaan vragen zijn om het te bakken, dan had ik rauw vlees mogen eten. Dat kan tocht niet, dat mensen zonder elektriciteit worden gezet!

Ik wil gewoon een menswaardig leven kunnen leiden, dat is alles. Ik wil van mijn schuldbemiddeling af geraken. Ik wil vooruit in mijn leven, ook al weet ik dat dat niet gemakkelijk is.

In het begin toen ik naar de Vierdewereldgroep (Mensen voor Mensen in Aalst, red.) kwam, durfde ik nooit over mijzelf praten. Ik was te beschaamd om binnen te komen als ik te laat was. Of ik kwam gewoon niet als ik een afspraak had. En bellen durfde ik zal zeker niet.

Ik ging vroeger als vrijwilliger strijken in het psychiatrisch centrum. Maar ik kwam vaak niet opdagen omdat ik schrik had van iemand. Eén vrouw was bazig en bekeek mij scheef. Ook al had ik met de anderen geen problemen, zij zorgde ervoor dat ik niet durfde gaan. En natuurlijk bracht ik mijzelf zo in de problemen, als ze niet op mij konden rekenen.

Ik ben al veel veranderd. Ik ben er nu en, als ik er niet kan zijn, laat ik dat weten. Het gevoel dat mensen willen dat ik er bij ben, dat motiveert mij om te komen. Wat ik nu nog moet leren, is voor mijzelf opkomen en mijn gedacht zegen. Ik wil mij niet meer als een vod laten behandelen.

Nu ga ik de draad terug opnemen. Ik ga opnieuw strijken en helpen in de speel-o-theek van de Vierdewereldgroep. Vrijilligerswerk geeft mijn een bezigheid en een goed gevoel. Dan ben ik ergens nodig en welkom.
Lees meer over ""Armoede is voortdurend leven met schrik""
Schuif zelf eens aan bij de Voedselbank en luister

Schuif zelf eens aan bij de Voedselbank en luister

4/01/2017
Een Voedselbank in Mechelen geeft er de brui aan, onder meer omdat de cliënten te 'kieskeurig' zouden worden en voedsel weigeren of laten staan. Een cliënt uit Tongeren legt zelf uit hoe het voelt om elke maand in de rij te staan en de zoveelste pak rijst of paste te 'moeten' meenemen. Hij vraagt dat men het gesprek zou aangaan met wie aanschuift en probeert te begrijpen waarom mensen de keuze willen hebben over wat ze al dan niet meenemen.

Lees het opiniestuk in De Standaard.
Lees meer over "Schuif zelf eens aan bij de Voedselbank en luister"
"Arm zijn is zoveel meer dan te weinig geld hebben"

"Arm zijn is zoveel meer dan te weinig geld hebben"

29/12/2016
Arm zijn is zoveel meer dan te weinig geld hebben. Het knaagt aan je vriendschappen, je zelfbeeld. Karen, mama van drie kinderen, vertelde in Libelle, hoe het leven kan kantelen.

Lees het artikel in Libelle.
Lees meer over ""Arm zijn is zoveel meer dan te weinig geld hebben""
"Als alleenstaande moeder komt elke financiële tegenslag dubbel zo hard aan"

"Als alleenstaande moeder komt elke financiële tegenslag dubbel zo hard aan"

8/12/2016
“Iedereen maakt het vandaag mee. Basisbehoeften worden elk jaar duurder. De prijsstijgingen vliegen ons om de oren. Elektriciteit, verwarming, water, openbaar vervoer, ik zie die facturen elke keer de hoogte in schieten. Probeer maar eens gezond te koken voor je kinderen en jezelf. Zelfs fruit en groenten worden alsmaar duurder.” Dat zegt Els, betrokken bij De Kar in Brecht, een vereniging binnen het Netwerk tegen Armoede.
 
Ik ben een alleenstaande moeder met twee kinderen en dan komen die facturen dubbel zo hard aan. Ik moet elke maand vechten om rond te komen en hopen dat er niks kapot gaat of er niet nog een grote afrekening in de bus valt. Ik heb met andere woorden geen enkele financiële reserve. De prijzen worden duurder, maar mijn inkomen groeit helaas niet mee. Ik zie in mijn omgeving veel alleenstaande moeders, of ze nu een uitkering hebben of gaan werken (vaak voor een laag loon), ze hebben het heel moeilijk om de eindjes aan elkaar knopen. Politici mogen vertellen wat ze willen, van die tax shift of nettoverhogingen merk ik niets, nada. Ik zie elke maand dat ik het steeds moeilijker heb om die hogere prijzen te betalen met mijn te laag inkomen.
 
Wie elke maand tot de laatste cent uit zijn portemonnee moet schrapen om eten op de plank te krijgen voor de kinderen, heeft vaak een eenzaam leven. Leven zonder reserve is leven in constante stress, waardoor je je gaat afsluiten. Om financiële redenen, want naar toneel gaan of een uitstap maken kost geld en dan spaar je dat liever uit om je huis te verwarmen of de schoolfactuur te betalen. Los van het financiële begin je ook heel zwaar aan jezelf te twijfelen. Je hebt het gevoel dat je niet vooruit raakt. Je doet je best voor je kinderen, maar je zelfvertrouwen en je zelfbeeld krijgen een knauw bij elke nieuwe afrekening.
 
Ik wil daar niet aan toegeven, hoe moeilijk het soms ook is. Daarom heb ik in de gemeente ‘Vrijgezellig’ opgestart. Samen met andere alleenstaanden zetten we ontspannende activiteiten op.  Ik merk hier echter ook dat sommigen wegblijven, door financiële zorgen of omdat ze emotioneel in de put zitten. Na een scheiding is het niet makkelijk om een nieuwe start te maken. Je moet je leven helemaal omgooien, je staat er voor bijna alles alleen voor, de zorg voor de kinderen die zelf ook de scheiding moeten verwerken, je begint aan jezelf te twijfelen. Zelf ben ik er ondertussen een beetje over, maar ik zie veel lotgenoten die nog een hele weg te gaan hebben.
 
Alleenstaande ouders, heel vaak moeders, hebben het financieel zo al heel moeilijk. Maar dat wordt nog moeilijker als de vader zijn verantwoordelijkheid ontloopt. En helaas zie ik dat nog al te vaak gebeuren. Zelf heb ik het ook meegemaakt. Mijn ex weigerde simpelweg om de helft van de kosten voor de kinderen op zich te nemen. Ik moest soms 4 jaar wachten voor hij zijn verplichtingen nakwam. Maar de facturen wachten niet. Ik heb mijn rekeningen altijd allemaal kunnen betalen, al was het soms nipt. Maar de prijs die je daarvoor betaalt, is heel zwaar. Ik heb de voorbije jaren heel vaak nee moeten zeggen tegen mijn kinderen. Geen uitstapjes, geen etentjes, weinig extraatjes, al heb ik soms het eten uit mijn mond gespaard om hen toch eens blij te maken met een cadeautje.
 
Elke keer als het kindergeld gestort wordt, haal ik opgelucht adem. Zonder zou ik het echt niet trekken. Als ik dan lees dat het 2 jaar geen indexverhoging krijgt ‘omdat niemand mag verliezen’ in het nieuwe kinderbijslagsysteem, dan breekt mijn klomp. Ik verlies nu al. En kinderbijslag is goed en nodig, maar waarom het inkomen van de ouders niet een beetje optrekken? We zouden er onze kinderen zo veel gelukkiger kunnen mee maken.
Lees meer over ""Als alleenstaande moeder komt elke financiële tegenslag dubbel zo hard aan""
"Een faillissement blijft je achtervolgen, zelfs jaren na de feiten"

"Een faillissement blijft je achtervolgen, zelfs jaren na de feiten"

30/11/2016
Mijn eigen zaak

Ik droomde er al lang van mijn eigen baas te zijn, een eigen zaak te hebben. Op een bepaald moment in mijn leven besloot ik om de sprong te wagen. Ik wist echter niet goed hoe ik dit financieel moest regelen. Maar ondanks deze onwetendheid ben ik toch met een eigen zaak begonnen. Helaas is het niet goed afgelopen.
Hier en daar vond ik wel wat hulp en steun om mijn zaak op te starten. Zo kon ik via Unizo deelnemen aan een groep voor startende beginners. Dit was zeer leerrijk. Voor de financiële kant van mijn zaak was ik afhankelijk van een boekhouder. En daar is de misérie begonnen.

Mijn boekhouder had mij niet ingelicht dat ik bij de opstart een aanvraag kon indienen voor een starterspremie. In plaats daarvan raadde hij mij aan om een lening bij de bank aan te gaan zodat ik maandelijks een schuld aan de bank moest aflossen. Ik begon dus vooral met  schulden aan mijn moeilijke weg om zelfstandig te zijn. Hij had mij ook niet uitgelegd hoe ik met deze schulden moest omgaan, waar ik  terecht kon om die schulden kwijt te raken, hoe ik aan extra middelen kon komen om mijn zaak te doen slagen…  

Het faillissement
 
Na drie jaar was ik failliet, gefaald, mislukt,… Dit bracht met zich mee dat ik door de belastingdienst op het matje geroepen werd voor een onderzoek naar fraude bij mijn faillissement. Na dit onderzoek kreeg ik een voorwaardelijke sanctie van een jaar.
Het faillissement achtervolgde mij overal en maakte dat ik ook met zaken die in het eerste opzicht niets met mijn zelfstandige activiteit te maken hadden in de problemen kwam. Zo vernam ik via de curator dat ik mijn ziekenkas, mijn bankkaart, enz.. opnieuw moest aanvragen.
 
Ik was net verhuisd naar een nieuwe woonst. De huisbaas had echter van het faillissement gehoord en wou mij op straat zetten. Via de vrederechter mocht ik uiteindelijk nog een jaar in mijn woonst blijven, maar na dit jaar moest ik er onverbiddelijk uit. Vol goede moed ging ik op zoek naar een nieuwe woonst. Niemand had mij echter verteld dat een faillissement publiek gemaakt wordt.  Huisbazen kunnen online zeer gemakkelijk opzoeken of je in deze situatie zit, waardoor het zeer moeilijk is om een nieuwe woonst te huren. Ik ben dat jaar naar verschillende huizen gaan kijken maar werd iedere keer afgewezen omwille van dat faillissement. De laatste dag voor ik uit mijn huis gezet werd, heb ik toch een andere woonst gevonden. Ik dacht: ’Oef dat is hier opgelost. Ik heb nu eindelijk een huis, ik heb m’n werk (en een inkomen) dus alles komt wel in orde’. We hadden met de curator afgesproken  dat ik in afwachting van de uitspraak over mijn faillissement  mijn inkomen mocht houden en dat er niets van ging afgehouden  worden. Voor de rest wist ik eigenlijk niet veel. Ik had al mijn papieren ook afgegeven aan de curator (sommige daarvan heb ik dan teruggekregen).

De nasleep

Al goed zou je denken, maar wat gebeurde er nu onlangs? Ik ben voor mijn werk veel  met de auto op de baan. Tussen twee opdrachten in reed ik met mijn wagen voorbij een parking waarop een witte camionette met een blauw zwaailicht stond -zo een camionette waarvan ze nog maar pas op het nieuws hebben laten zien dat die ook personenwagens controleren op hun papieren. Ter hoogte van het parkeerterrein, hielden ze me tegen en zetten ze mij aan de kant. Ze vroegen mijn papieren.  Ik dacht dat alles in orde was met mijn wagen en gaf ze hen in volle vertrouwen. Ze zeiden: ’Meneer  weet u waarom wij u tegenhouden?  U staat geseind  voor openstaande boetes’. Ik schrok: ’Openstaande boetes? Maar allez, de laatste tijd betaal ik toch direct mijn parkeerboetes...’. ‘Het gaat over een openstaande boete van 17€ en een beetje, een boete van 2010 in Rollegem’. Plots viel mijn spreekwoordelijke frank en ik dacht  ‘Oei, de boetes die ik kreeg toen ik mijn zaak nog had…’.  
Ik was wel verwonderd.  Mijn curator en de advocaat  die mij geholpen heeft bij het neerleggen van de boeken hadden mij immers gezegd dat ik alle openstaande facturen en rekeningen  kon indienen, Dat deed ik dan ook. Ze vertelden mij ‘Je moet je daar dan niets meer van aantrekken. Uw boetes en al zitten dan allemaal in vereffening’.  Ik was er dan ook van overtuigd dat ik op dat ogenblik geen schulden meer had, dat ik dus ook geen deurwaarders over de vloer zou krijgen of andere miserie meemaken door openstaande rekeningen. Ik begreep dan ook niet hoe dit kon?

Ik moest even wachten in mijn wagen tot ze mij kwamen halen. Het leken wel eindeloze minuten. In hun camionette vond ik mijn paspoort niet van de zenuwen. Geen probleem aangezien het een gezamenlijke actie was van politie, douane en belastingen konden ze al mijn gegevens  zien op hun computer. Het eerste wat ze tegen mij zeiden was: ‘Ja maar meneer, het zal hier wel efkes gaan duren want gij moet een bedrag betalen van vijftienduizend en zoveel euro’.  Ik schrok en vroeg hen van waar ze dit bedrag haalden? Ik dacht bij mezelf: ‘Eerst zeggen ze je hebt een boete van 17 euro  en nu is het al vijftienduizend euro geworden!  Ze antwoordden: ‘Wij zien dat u nog openstaande schulden hebt aan de belastingen, bent u zelfstandig?’ . ‘Neen ik ben zelfstandig geweest maar ik heb mijn boeken neergelegd op in 2014. Kunnen jullie dat dan niet zien?’. Daar antwoordden ze niet op, maar ze wisten dus wel dat ik aan de belastingen nog een dikke 15 duizend euro moest betalen. Mijn hart raasde door mijn keel van paniek en van schrik. Wat als ik dat hier moest gaan betalen? Ik dacht dat alles nu eindelijk in orde was: werk, een huis, geen miserie… Ik wist niet wat ik moest zeggen tegen de politieman en kon niet meer nadenken. Aangezien ik nog steeds door het CAW begeleid wordt, telefoneerde ik naar mijn begeleidster bij het CAW. Natuurlijk was zij net op dit moment niet aanwezig.  Gelukkig kreeg ik een andere assistente aan de lijn die aan de politie trachtte uit te leggen wat mijn situatie was.

Door een aantal stomme stoten en onoplettendheden heb ik inderdaad een periode heel wat boetes gekregen. Gelukkig had ik de meeste instanties aangeschreven  en meende ik dat ik al die boetes  betaald had of dat er minstens een regeling getroffen was. De rekeningen en betaalbewijzen die ik had teruggekregen van de curator zaten op het ogenblik dat ik tegengehouden werd in de koffer van mijn wagen. Ik heb dit op aanraden van de CAW-assistente dan ook verteld aan de politie, en hen alle papieren van zowel mijn faillissement als alle bijhorende documenten en facturen getoond. Ik vertelde hen dat alles bij de curator zat, dat ze dit gerust mochten nakijken. Ik vertelde ook dat we onlangs nog alle schuldeisers hadden aangeschreven en dat de jurist van het CAW me had gezegd dat ik die boetes niet meer afzonderlijk moest betalen, dat ze opgenomen waren in het faillissement. Dat ik me daar dus geen zorgen meer over hoefde te maken. Aan de telefoon zei die mevrouw van het CAW  om kalm te blijven. Uiteindelijk slaagde ik hier wel in en begon alles een beetje te bedaren.

Desondanks trok de politieagent weer de hele lijst met die boetes vanaf 2007 open. ‘Zou het mogelijk zijn om de boete van Dendermonde dus die 17 euro en een beetje te betalen, en die boete van 59 en een beetje?’.  Ik had hen net verteld dat het 4 dagen voor het einde van de maand was en ik nog amper 80€ op mijn bankrekening had staan. Ik wist niet of ik voldoende had om die bedragen te betalen, laat staan om de rest van de maand door te komen, maar daar hadden ze geen oren naar. Terwijl de politieagent  vriendelijk nog wat met me verder babbelde, belde zijn vrouwelijke collega naar de procureur om te vragen wat zij daar mee moesten doen. De agente was heel mijn verhaal aan het vertellen aan de telefoon. Ik vond dit zeer vernederend en ook niet kunnen. In mijn ogen hebben ze daar geen zaken mee want het ging oorspronkelijk alleen over de boete van 17 euro en niet over het faillissement.

Menselijke benadering

De mannelijke politie agent vroeg of het zou lukken om de kleine boete van 17 € te betalen? Ik antwoord daarop dat dat wel zou lukken maar dat ik echt niet meer kon betalen omdat ik anders geen geld meer had tot het einde van de maand. Zijn collega had intussen een antwoord gekregen van de procureur. Zij kwam terug bij ons zitten. De procureur gaf aan dat ik zowel de boete van 17€ als die van 59 moest betalen. Ik zei haar dat het moeilijk zou gaan maar zij zag geen probleem en haalde haar betaalterminal voor een tweede keer boven.  ‘Met je bankkaart kan je direct betalen. Zo niet mogen we u niet laten vertrekken en  wordt jouw auto onmiddellijk in beslag genomen. Ik heb dan maar betaald. Eerst die 17 euro , dat ging,  dan die 59€  en dat ging dus niet. Ze hebben dan maar gewoon alles van mijn bankkaart genomen waardoor ik dus op nul kwam te staan, terwijl er nog een stukje van de boete bleef open staan Tot op de dag van vandaag moet ik dus nog 9€ voor die boete betalen. Ik moet regelmatig in Rollegem zijn. Tegenwoordig rijd ik dan binnendoor, via binnenwegen, uit angst om opnieuw die miserie te moeten ondergaan. Ik weet dat dit ‘truken van de foor’ zijn en dat ik in mijn oude vluchtgedrag herval, maar het is sterker dan mezelf.
Ik kan en wil die 9€ wel betalen. Ik heb dit al verteld aan de assistente van het CAW en aan de curator. Ik heb hem ook gevraagd of dit de normale gang van zaken is. Volgens de curator is dit niet zo. Die boetes zijn betwist omdat daar een stuk administratieve boete in zit en dit zou wegvallen. Ze vallen nog over het feit dat een aantal procenten die bovenop de administratieve boete komt al dan niet toch nog moet betaald worden. Dat zou ik nu betaald hebben en dat kan niet.

De toekomst

Ik ben in afwachting van mijn schoonbaarheidsverklaring en tijdens deze periode mogen ze dit dus niet. In december, van het moment dat mijn faillissement uitgesproken is, kunnen ze dit wel doen. Dan ben ik terug vogelvrij en kunnen ze me opnieuw tegenhouden en tot de laatste eurocent van mijn rekening halen.
Tot op de dag van vandaag heb ik nog steeds moeilijkheden om een huis te huren. Dit ondanks dat ik een job en een vast inkomen heb. Zolang ik met mijn naam op google sta en met het faillissement zal ik moeilijkheden blijven ondervinden.  Dit telt niet voor de sociale huisvestingmaatschappij maar omdat ik een voor hen te hoog inkomen heb, kan ik natuurlijk bij hen ook niet huren.
 
   
Lees meer over ""Een faillissement blijft je achtervolgen, zelfs jaren na de feiten""
Ik heb 100 hulpverleners gezien, slechts een vroeg zich af wat ik nu eigenlijk zelf wil

Ik heb 100 hulpverleners gezien, slechts een vroeg zich af wat ik nu eigenlijk zelf wil

16/11/2016
Ik heb in mijn leven heel wat hulpverleners gezien en gehoord. Elk met zijn eigen manier van werken. De ene schreef papieren vol zonder mij zelfs maar een blik te gunnen, een andere beschuldigde mij de hele tijd van van alles en nog wat, nog een andere sprak enkel tegen mijn vrouw en kinderen, weer iemand anders keek alleen naar wat wij fout deden, weer een andere vond het alleen belangrijk dat het huis niet te vuil was en dat er voldoende eten in de koelkast zat, want anders zouden ze dat moeten doorgeven aan de jeugdrechtbank,…

Uiteindelijk gaf niemand mij het gevoel echt geïnteresseerd te zijn in wat ik eigenlijk te vertellen had. Dit bracht natuurlijk met zich mee dat de geboden hulp vaak niet was wat ik nodig had. Volgens die hulpverleners natuurlijk wel, ha ja, want zij wisten het uit de boekjes en van op de schoolbanken. Als er dan wat verkeerd liep, wat natuurlijk regelmatig gebeurde, was het mijn fout. Ik deed immers NIET wat zij mij hadden opgedragen. In het begin durfde ik al eens tegen te spreken. Als ik al eens vertelde dat zij mij verkeerde info gegeven hadden of naar de verkeerde dienst hadden doorverwezen… amai dan was het hek helemaal van de dam… Ik heb dat na 2-3 keer opgegeven.

Het was toen voor mij al duidelijk dat de hulpverleners de richting van mijn leven en dat van m’n vrouw en kinderen bepaalden en niet wijzelf. Het gevolg was natuurlijk heel veel frustratie. Bij ons, maar waarschijnlijk ook bij de hulpverlener die ons ervaarde als moeilijke en ondankbare armen die niet geholpen wilden worden. Tot wij dat op een gegeven moment allemaal zo beu waren en uit colère en frustratie zelf de spreekwoordelijke stop er hebben uitgetrokken. Ik ging alles wel zelf doen en regelen want die hulpverleners denken alleen maar aan hun eigen gemak. Ze zeggen altijd dat ze gebonden zijn door hun organisatie en dat ze alleen maar kunnen doen wat ze doen. Dus heb ik op een gegeven ogenblik alle hulpverleners die over de vloer kwamen letterlijk en figuurlijk aan de deur gezet.

Ik heb dat een jaartje of twee volgehouden maar natuurlijk ontspoorden de problemen die ik had nog meer. Het ging van kwaad naar erger maar ik weigerde pertinent hulp te zoeken want ik had een hekel aan hulpverleners gekregen. Tot er op een dag aan de deur werd gebeld. Met de moed in mijn schoenen ging ik naar de voordeur want ik dacht dat het weer een deurwaarder was. Ik deed heel omzichtig de deur open en daar stond een jonge dame “goeiedag Jos* ” ik zei vriendelijk goedendag terug. “Ha ik ben Sofie en ik werk voor een organisatie hier in de buurt. Ik wilde een keertje met jou komen praten”. Ik antwoorde: “das heel vriendelijk maar ik niet met jou daaaaag”, deur dicht en terug naar binnen. Een paar dagen gingen voorbij toen er weer gebeld werd. Opnieuw met de moed in m’n schoenen de deur gaan openen… zelfde jonge dame… zelfde scenario. Zo heeft ze dat een aantal keren volgehouden.

Tot op een dag mijn schoonmoeder bij ons binnenstapte en zei: “Zeg Jos, ik heb Sofie leren kennen en dat is een toffe madam. Ze heeft al het een en het ander voor mij gedaan. Je moet daar ook eens mee praten. Ik ben er zeker van dat die jou kan helpen”. Onmiddellijk bevestigde ik dat zij ook al een paar keer bij ons aan de deur had geweest maar dat ik haar telkens wegstuurde. Na een gesprek hierover, beloofde ik mijn schoonmoeder om haar binnen te laten als ze nog een keertje kwam bellen. Een aantal dagen later zat Sofie bij mij in de zetel haar ding te vertellen. Met een klein hartje weliswaar want ik had haar gezegd dat als ze flauwe kul kwam vertellen, ze net als al die andere hulpverleners snel en met dezelfde gang terug buiten zou staan. Een uurtje later was ze uitgepraat en heb ik haar buiten gelaten met een vriendelijke goeiedag. Zij is meerdere keren bij ons langs geweest en mijn vertrouwen in haar begon beetje bij beetje te groeien.

Na verloop van tijd kwam ik terug buiten, want dat deed ik ook al een hele tijd niet meer. Langzaam maar zeker begon er zich een goeie band te vormen tussen haar en mijn gezin. Ik vertelde haar beetje bij beetje stukje voor stukje deeltjes uit mijn en ons leven. Uiteindelijk, na een redelijk lange periode, was er toch wel een vertrouwensband opgebouwd tussen haar en wij en we waren daar wel gelukkig mee. Tot ze op een moment weer eens aanbelde en ons doodleuk vertelde dat zij wegging bij die organisatie maar dat er geen probleem was voor ons want de persoon die haar zou vervangen even goed was als zij of misschien wel beter. Ik en mijn vriendin waren geschokt en echt teleurgesteld en eigenlijk ook wel een beetje boos. Wij dachten: “nu is er eindelijk iemand die ons begrijpt en nu verdwijnt die opnieuw uit ons leven, net zoals al die andere hulpverleners”. Ik weet nog het laatste dat ik haar toch wel een beetje verwijtend heb gezegd is “Je begrijpt er niets van”. En daar zaten we dan opnieuw met het gevoel dat we aan ons lot werden over gelaten.

Op een dag werd er op de poort gebonkt. Ja wij woonden toen in een achterhuis dat alleen bereikbaar was via een grote garagepoort en dan een lange gang. We hadden ook geen bel dus moest je hard op de poort bonken. Terwijl ik op m’n stoel bleef zitten en mijn tas koffie verder leeg dronk en mijn twee kleine dochtertjes gewoon verder bleven spelen, ging mijn vriendin kijken. Plots ging de deur open en stapte een jonge man binnen. Klein rond brilletje op z’n neus, half kalend en gekleed als iemand die mij een beetje deed denken aan een hippie. Kwam binnen met de woorden “ is het toegestaan dat ik binnenkom? ” ik zei “jazeker”. Hij kwam naar mij gaf mij een hand en stelde zich voor als de vervanger van Sofie. Ik zei: “Ha ok. Ik ben Jos” en vroeg hem meteen of hij ook maar tijdelijk bleef, tot hij er genoeg van had om ons dan ook te laten stikken. Hij heeft daar wijselijk genoeg niet op geantwoord.

Maar wat hij toen wel deed verbaasde mij en m’n vriendin helemaal. Hij begon spontaan naar de foto’s te kijken die in de kamer hingen en vroeg wie die mensen allemaal waren. Daarna begon hij met onze twee dochtertjes wat te spelen. Hij vertelde wat over zichzelf en zijn verleden. Niet te veel, maar net genoeg om er over na te denken. Na een uurtje stond hij op en nam hij afscheid. Hij schudde opnieuw mijn hand en zei dat het een aangename kennismaking was, dat we mooi woonden en lieve kinderen hadden. Hij vroeg of hij nog eens mocht terug komen waarop wij tot onze grote verbazing volmondig “JA” zeiden. Sinds die dag is er voor mij heel veel veranderd. Werner kwam regelmatiger langs. Niet om te zeggen wat wij moesten doen maar om te luisteren naar onze verhalen.

Telkens kregen wij een stukje van hem terug, niet te veel maar net genoeg . Het heeft een tijdje geduurd voor ik het doorhad maar op die manier bracht hij ons verder op een hele korte tijd dan al die andere hulpverleners samen op tientallen jaren gedaan. Ik ben zo stilletjes aan terug vertrouwen beginnen krijgen in de mensheid en in de maatschappij maar vooral ook terug vertrouwen beginnen krijgen in mezelf. Wat het belangrijkste was voor mij en mijn gezin, was dat we opnieuw konden leven. En ja ik heb nog fouten gemaakt nadien maar ik heb die samen met mijn gezin en Werner aangepakt zonder de schuld te krijgen of zonder de gevolgen alleen te moeten dragen. Ik ben natuurlijk niet helemaal uit de armoede geraakt, maar de manier van werken heeft mij wel veel meer vertrouwen gegeven en ik ben beter opgewassen tegen alles wat mij overkomt. Ik pak zelf de problemen aan, ga zelf opzoek naar oplossingen. Ik luister met een ander oor naar mensen en sta sterker en verder in het leven dan dat ik ooit had durven dromen.

Maar de allerbelangrijkste persoon die ik ooit ontmoet heb was en is nog altijd Werner Hij was degene die in mij… of eigenlijk moet ik zeggen in ons iets anders zag dan een hoop ellende. Hij was degene die mij leerde om terug vertrouwen te krijgen in andere mensen en dus ook in hulpverleners. Ik stel me de laatste jaren regelmatig de vraag waarom ik zolang heb moeten wachten om eindelijk een hulpverlener tegen te komen die mij niet veroordeelde of mij de schuld gaven van mijn miserie.

De afgelopen 15 jaar zijn er ook 2 organisaties geweest die een belangrijke betekenis voor mij hebben gehad. Ze hebben me mogelijkheden aangeboden om het beste uit mezelf te halen. De ene heeft me de mogelijkheid geboden om toch nog te kunnen studeren en een diploma of getuigschrift te behalen, ook al was het op mijn 41ste. De andere heeft mij een volwaardige job aangeboden en houdt rekening met mogelijke problemen die nog af en toe opduiken waardoor ik nu bijna 12 jaar later nog steeds aan de slag ben bij dezelfde werkgever.

*Jos is een fictieve naam om de privacy van betrokkene te beschermen.
Lees meer over "Ik heb 100 hulpverleners gezien, slechts een vroeg zich af wat ik nu eigenlijk zelf wil"
Nog meer weten, klik hier door naar ons vormingsaanbod, mee gegeven door mensen in armoede.