Mensen in armoede worden voortdurend geconfronteerd met vooroordelen. Ze willen niet werken, hebben de nieuwste gsm, staan met een mooie auto voor de deur van hun sociale woning, ... . Op deze blog doorprikken we die vooroordelen met verhalen en voorbeelden uit de praktijk. Verhalen die de dagelijkse strijd om te overleven van mensen in armoede heel tastbaar maken. De blog moet leiden tot meer respect en luisterbereidheid tegenover mensen in armoede.

"Persoonlijk assistentiebudget is een ondoorgrondelijke doolhof"

28/6/2017
Anja woont in het landelijke Burst, deelgemeente van Erpe-Mere, met haar zoon en dochter. Sinds 2006 is ze alleenstaande moeder. Vroeger had ze veel energie en werkte ze jaren in tuinaanleg en tuinonderhoud, als persoonlijk assistent voor personen met een handicap  en als poetshulp, maar fysiek is dat vandaag niet meer mogelijk. Fibromyalgie en artrose maakten een eind aan haar beroepscarrière. Bovendien heeft ze altijd voor haar zoon gezorgd, die een beperking heeft. “De voorbije 3 jaar was hij hier soms heel de week in huis. Nu is dat niet meer haalbaar en verblijft hij in de week in een instelling. In het weekend is hij dan bij ons. Mijn dochter is ondertussen afgestudeerd en zoekt werk, maar makkelijk is dat niet.”
 
Het persoonlijk assistentiebudget (PAB) zou veel problemen (en vooral wachtlijsten) moeten oplossen voor mensen met een beperking, maar Anja heeft daar toch andere ervaringen mee. “Zeker in het begin was het een hele administratieve doolhof. Het PAB voor mijn zoon werd opgestart in de vakantieperiode. Daardoor waren de papieren te laat ingediend bij het VAPH (Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap), dat het PAB moet goedkeuren. Iedereen was met vakantie dus ik kon niemand bereiken om het in orde te brengen. Gevolg? Budget werd niet gestart. De rekeningen voor hulpverlening of de uitbetaling waar mijn loon moest mee uitbetaald worden, daar hadden we serieuze problemen mee. Geen loon betekent in zo’n geval dat je jezelf moet uitbetalen met je spaargeld. Spaargeld dat er al bijna niet was. Ik heb toen enkele maanden mijn schamele spaarcentjes moeten opeten. Ik kan je verzekeren, de kosten lopen hoog op. Ik was toen alleenstaand, had enkel mijn beetje spaargeld totdat alles in orde kwam. Zelfs de eerste uitbetalingen liepen niet correct. Ik was niet als gescheiden ingeschreven en als alleenstaande met 3 kinderen ten laste, dus werd ik te weinig uitbetaald. Gevolg: heen en weer bellen totdat het in orde kwam, na een paar maand. Dat is heel stresserend.”
 
Ook fiscaal waren er aanvankelijk grote problemen. “Ik had de boodschap gekregen dat ik op het PAB geen belastingen moest betalen. Op het einde van de rit werd ik beschouwd als zelfstandige en moest ik dus grote afdrachten doen aan RSZ. Ik heb noodgedwongen en na lang aandringen mijn consulente moeten dwingen om de RVA de nodige papieren te bezorgen, dat PAB onbelastbaar is, aangezien het door het vaph word uitbetaald en ikzelf in principe geen werkgever ben. Het is een raar en ingewikkeld systeem, terwijl blijkbaar nog niet iedereen op de hoogte is van hoe het werkt. Uiteindelijk moest ik daarop geen belastingen betalen. Het heeft wel enkele maanden geduurd.”
 
Het gezin heeft een budget van €50 over per maand. Daar moeten haar dochter en Anja zelf het mee doen. Ze kunnen enkel nog van het restje spaargeld dat nog over is nog een beetje geld gebruiken, maar dat is bijna op. Haar zoon heeft een eigen rekening. Wat daar over is, is voor zijn eigen behoeften: voor aankoop verzorgingsmaterialen, hulpmiddelen, voeding en kledij, ook de instelling wordt ermee betaald. “Makkelijk is dat zeker niet. Ik heb nog het geluk dat ik na mijn scheiding dit huis kon kopen, met wat overbleef van de verkoop van de vorige woning na de scheiding. Ik kon nog bijlenen bij het het Vlaams Woningfonds. Een geluk dat ik niets moest gaan huren, vooral omdat de aankoop van het huis voornamelijk voor mijn zoon was met zijn handicap. Verhuizen zou teveel financiële lasten meebrengen.. Al blijft ook dat een zware investering, maar beter dat dan de onzekerheid van een huurwoning. Voor de rest moeten we ons plan zien te trekken. Ik kweek mijn eigen groenten, ik bak zelf mijn brood, het zijn allemaal inspanningen die ons overeind houden. Je leert creatief zijn, je kunt niet anders. Het blijft natuurlijk een groot contrast met hoe we vroeger leefden als tweeverdienersgezin.”
 
Anja’s dochter is afgestudeerd. Na haar zevende jaar kantoor behaalde ze nog een diploma medisch secretariaat. “Maar een job vinden is niet zo makkelijk, ook al wil ze heel graag aan de slag.  Het is heel moeilijk op de arbeidsmarkt. Overal vragen ze ervaring, maar je moet natuurlijk wel de kans krijgen om ervaring op te doen.” Het feit dat ze het openbaar vervoer gebruikt is dikwijls ook een struikelblok. Dat is redelijk onbegrijpelijk. Men zou dit juist moeten toejuichen.
 
Momenteel is het niet zo makkelijk, aangezien het openbaar vervoer heel duur is, al krijgen we de kans om via de VDAB vermindering krijgen voor sollicitaties. Feit is,je moet wel eerst naar de stad, voordat je die terugbetaling krijgt.
 
In Welzijnsschakel Ommekeer in Erpe-Mere zet Anja zich voluit in als vrijwilliger. “Ik zit in de oudergroep en geef  vorming in scholen”, zegt ze. “Het doet deugd om daar actief te zijn. Toen ik mijn zoon niet meer voltijds kon opvangen ben ik in een zwart gat gevallen. De zorg opnemen voor een kind met een beperking is zwaar, maar ik miste hem ook heel erg. Door bij Ommekeer actief te zijn heb ik het gevoel er niet alleen voor te staan.”
 
Anja kijkt voluit naar de toekomst nu. “Ik hoop te kunnen starten met de opleiding tot ervaringsdeskundige in armoede en sociale uitsluiting. Ik geef nu al vormingen en doe mijn inbreng met advies en voorstellen. Ik wil dat inzicht in armoede ook bij andere mensen laten doordringen. Het is een job die mij heel veel voldoening zou geven.”
Nog meer weten, klik hier door naar ons vormingsaanbod, mee gegeven door mensen in armoede.