Belgische middenveldorganisaties eisen verhoging van inkomens boven de armoedegrens

5/5/2014
10 Belgische middenveldorganisaties (armoedeorganisaties en vakbonden) eisen dat de volgende federale regering werk maakt van een verhoging van de inkomens en uitkeringen boven de armoedegrens. Ze verenigden zich in de BMIN (Belgian Minimum Income Network) -coalitie. De samenwerking kadert in een Europese campagne om in alle landen van de EU zo’n minimuminkomen door te voeren[1]. Een volwaardig minimuminkomen is een grondrecht. Wij stellen echter vast dat steeds meer drempels en voorwaarden opduiken om het recht op een uitkering uit te oefenen.
 
Wetenschappelijk onderzoek en buitenlandse experimenten wijzen uit dat mensen met uitkeringen die hoog genoeg zijn om hun gezin de nodige stabiliteit te geven, net meer participeren aan de samenleving. Mensen krijgen opnieuw financiële onafhankelijkheid en hoeven niet alle energie te besteden aan overleven. Er komt ruimte om een job te zoeken, een opleiding te volgen, degelijke huisvesting te zoeken, gezondheidszorg wordt minder uitgesteld, … Naast een toename in koopkracht zorgen uitkeringen boven de armoedegrens er ook voor dat de maatschappelijke kost vermindert. De overheid moet bijvoorbeeld minder uitgeven aan gezondheidszorg. Doktersbezoek wordt minder uitgesteld, waardoor medische klachten sneller, efficiënter en goedkoper behandeld worden.
 
In België leven vandaag 2.356.000 mensen met een verhoogd armoede risico. In 2008 waren dat 2.194.000 mensen. België engageerde zich tegenover Europa om tegen 2020 dit cijfer met minstens 380.000 te verminderen.  We stellen vast dat er geen sprake is van een evolutie richting dit engagement, integendeel, 162.000 mensen extra bevinden zich in deze situatie !
 
Om dit engagement alsnog waar te maken, zijn volgende maatregelen nodig:
 
  • Verhoging van uitkeringen en vervangingsinkomens boven de armoedegrens (€1.003/maand voor een alleenstaande, €2.106/maand voor een gezin met 2 volwassenen en 2 kinderen jonger dan 14 jaar, normen voor 2012 en dus nog te actualiseren) Geen verdere uitholling van de index, noch direct, noch indirect
  • Bovenop de tweejaarlijkse welvaartsaanpassing van de minima met 2 % een bijkomende operatie van 2 x 3 % tegen 2018..
  • Verhoging van het interprofessioneel minimumloon om een volwaardig salaris te verzekeren en de werkloosheidsval te vermijden
  • Dit alles budgettair voorzien in het federaal regeerakkoord en in de meerjarenbegroting
 
 
Volgt de volgende regering deze piste niet, dan staat nu al vast dat de doelstelling om tegen 2020 380.000 mensen uit de armoede te halen, niet gerealiseerd wordt.
 
Het Rekenhof liet de kost in 2008 ramen op ca. €1,25 miljard. Met een indexering van 20 % zou dat nu neerkomen op €1,5 miljard. Ter vergelijking, de notionele intrestaftrek kost ons land jaarlijks €6 miljard euro.
 
Het is duidelijk dat de versnelde daling van de werkloosheidsuitkeringen net het omgekeerde is van wat we nodig hebben. Ook de beperking in de tijd van de inschakelingsuitkering (vroegere wachtuitkering) zal net nog meer mensen in de armoede doen belanden. Wij vragen een herziening van deze maatregelen.
 
Om de inkomensarmoede duurzaam te bestrijden, zijn bovendien volgende flankerende maatregelen nodig:
 
  • Geen uitkeringen afromen door statuut van samenwonende, maar onderzoeken in welke gevallen mensen onder hetzelfde dak toch als alleenstaanden kunnen beschouwd worden, of, in het algemeen, onderzoeken of sommige uitkeringen niet per definitie individueel toegekend kunnen worden, om zo mensen beter te beschermen tegen armoede. Vaak is samenwonen een manier om dakloosheid te vermijden. Mensen mogen daar niet financieel voor afgestraft worden.
  • Aanvullende financiële steun vanuit ocmw’s niet terugschroeven en oplossingen zoeken voor hun onderfinanciering
  • Automatische toekenning van rechten en maximale inzet op proactieve hulp- en dienstverlening. Onderbescherming blijft een acuut probleem. Alleen al het aantal rechthebbenden op een leefloon dat dit niet opneemt, wordt geraamd tussen 57 en 76 %.
  • Ook rond deze maatregelen verwachten wij engagementen in het nieuwe regeerakkoord en bijhorende begroting.

Lees het volledige BMIN-memorandum.
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Ondertekenende partners van het Belgisch Minimum Inkomen Netwerk (BMIN)
Belgisch Netwerk Armoedebestrijding (BAPN) | ABVV-FGTB | ACLVB-CGSLB | ACV-CSC | Brussels Platform Armoede (BPA) | Dynamo International | Forum Bruxellois de Lutte contre la Pauvreté (FBLP) | Netwerk tegen Armoede | Réseau Wallon de Lutte contre la Pauvreté (RWLP) | Marie-Thérèse Casman (socioloog Université de Liège) | Bérénice Storms (senior onderzoeker UA, onderzoeksleider Cebud)


[1] BMIN kadert in een project, EMIN (European Minimum Income Network), gesteund door de Europese Commissie, dat erop gericht is in alle EU-landen de mogelijkheid van een minimuminkomen te onderzoeken en stappen te zetten naar de progressieve realisatie van een adequaat minimum inkomen in Europa.