Verkiezingen 2014: Inkomens en uitkeringen boven de armoedegrens

9/4/2014
Volgens een Europese afspraak wordt een alleenstaande met een inkomen van 1000 euro/maand in België niet meer als arm beschouwd, voor een gezin met 2 volwassenen en 2 kinderen is dat het geval vanaf 2101 euro/maand. Rekent u zelf maar eens uit hoe breed u het dan heeft. Toch leeft ruim 15% van de Belgen nog steeds met een inkomen onder die armoedegrens. In Vlaanderen is dat 10%, in Wallonië 20%, in Brussel loopt dit op tot bijna 40%. Het zijn en blijven schokkende cijfers!
 
Armoede gaat over veel meer dan inkomen alleen, maar met een te laag inkomen ben je steeds gezien. Solliciteren of een job aannemen met onregelmatige uren of op enkele km van het dichtst bij zijnde station? Hoe doe je dat als je geen geld hebt voor je vervoer, de kinderopvang niet kan betalen… In de penarie met je huishuur en de hoge energierekening van je niet al te beste huurwoning? Da’s besparen op eten, school- of dokterskosten… of als dat niet meer kan: in de schulden geraken, je woning verliezen… Met een te laag inkomen ben je dag in dag uit aan het overleven, met de nodige stress, gezondheidsproblemen… van dien. Vooruit komen, voor jezelf en je familie iets opbouwen dat toelaat om definitief uit de armoede te raken is dan uiterst moeilijk en zeer vaak onmogelijk.

Minimuminkomen is geen hangmat
 
Al wie de realiteit van mensen in armoede kent, weet dat een waardig minimuminkomen geen ‘hangmat’ is, maar een absolute voorwaarde om definitief uit de armoede te kúnnen ontsnappen. Het leefloon, een groot deel van de uitkeringen voor mensen met een handicap, sinds begin dit jaar ook de werkloosheidsuitkeringen voor langdurig werklozen, liggen vér onder de armoedegrens. De inkomensgarantie voor ouderen ligt –al naargelang de bril waarmee je kijkt-  net op of net onder die grens. En dan hebben we het enkel over mensen die ‘de volle pot’ krijgen, niet over mensen die het met een deeltijdse werkloosheidsuitkering moeten doen maar die om een of andere reden niet tot het leefloon krijgen aangevuld, niet over jongeren die wachten op een inschakelingsuitkering, niet over mensen met schulden die moeten terugvallen op een ‘leefgeld’ van nauwelijks enkele tientallen euro per week, niet over daklozen of mensen zonder papieren zonder enig inkomen, niet over mensen die deeltijds werken, vandaag wat interimwerk, morgen weer enkele weken zonder werk…
 
De eerste en belangrijkste stap om hier iets aan te doen is nochtans simpel. Trek alle sociale uitkeringen op tot ze minstens boven de armoedegrens uitkomen. Het Rekenhof berekende in 2008 dat dit 1,25 miljard euro zou kosten. Met een indexering van 20 % komen we dan vandaag uit bij een bedrag van om en bij de 1,5 miljard euro. Geen klein bier in budgettair krappe tijden zegt u? Het Netwerk tegen Armoede zegt: waar een wil is, is een weg. Recent nog kende de federale regering in het kader van het competitiviteitspact 1,35 miljard euro lastenverlagingen toe aan de bedrijven, de notionele interestaftrek kost de schatkist jaarlijks tot 6 miljard euro…

Kleur bekennen
 
Het Netwerk tegen Armoede vraagt onze politici om kleur te bekennen. Zonder het optrekken van de laagste uitkeringen tot boven de armoedegrens is alle armoedestrijding rommelen in de marge. En neen: wij geloven al lang niet meer in goede voornemens alleen. Beste politici, als het u menens is, dan schrijft u dit na 25 mei in uw regeerakkoord én uw meerjarenbegroting.