Nieuw decreet integrale jeugdhulp biedt te weinig antwoorden

29/9/2012
Een nieuw decreet Integrale jeugdhulp ligt nu voor. Het biedt voor ons te weinig antwoorden op de vele vragen en noden die gezinnen in armoede hebben als het over gepaste jeugdhulp gaat.

De nadruk in de doelstelling van het nieuwe decreet ligt veeleer op de te hanteren middelen ( de toegangspoort, het samenwerken van de sectoren, …) dan op het te bereiken doel. Het welzijn van de minderjarige en zijn ouders wordt nergens fundamenteel voorop gesteld.

Zorgvrager moet centraal staan

Integrale Jeugdhulp is veel meer dan het stroomlijnen van de 7 sectoren. Degene die de zorg nodig heeft, moet centraal staan en niet de sectoren op zich. Cliënten klagen over veel en steeds wisselende hulpverleners vanuit meerdere organisaties met telkens weer hun eigen manier van werken.  Zaken als het ‘moduleren’ van hulpverlening lost dit niet op. Bovendien is het niet erg duidelijk wie coördineert en verantwoordelijk is. Trajectbegeleiding werd uiteindelijk wel weerhouden, zij het zeer miniem en ook hier is het niet erg duidelijk wat de juiste invulling is.
 
Het vermaatschappelijken van de zorg is een belangrijk principe in het nieuwe decreet. Het inzetten op eigen krachten en het ‘ empoweren’ van de jongeren mag echter niet de indruk wekken dat ouders en jongeren worden volledig of gedeeltelijk verantwoordelijk zijn voor hun problemen. De tendens tot sanctioneren als er niet genoeg vermeende ‘ inspanning’ wordt getoond , zoals GAS-boetes en verplichte ouderstages, hebben een averechts effect op het empoweren van de gezinnen.
De vermaatschappelijking mag bovendien geen excuus worden bij een gebrek aan middelen en mensen binnen de hulpverlening. Ze vereist bovendien samenwerking en afstemming met belendende sectoren , zoals gezondheid, huisvesting, jeugdbeleid, …

Participatie

In het decreet worden verschillende principes rond participatie verankerd. Het gaat over inspraak en inzage in het dossier en de verleende jeugdhulp, de bijstandspersoon, het inbrengen van het perspectief van de minderjarige en zijn ouders in de verschillende overlegorganen van Integrale Jeugdhulp en in een aantal commissies  ( zie hierboven). De participatie van cliëntvertegenwoordigers binnen de overlegorganen verliep tot nu toe zeker niet altijd van een leien dakje. Bij de hervorming van de structuren zal men veel tijd, middelen en mankracht moeten steken in deze vertegenwoordigers.
 
Om te kunnen spreken van echte participatie binnen het dossier en de opgezette hulp, zal men toch meer moeten doen dan ‘minstens 1 face-to-face gesprek’ met de minderjarige Verstaanbare taal van de documenten en aangepast tempo zijn absolute voorwaarden voor een mogelijke participatie. Participatie start bovendien bij de verdere uitwerking van dit kaderdecreet. Een absolute voorwaarde is het betrekken van de mensen waarvoor de hulp voorzien is om het participatieproces verder vorm te geven.

Grondige evaluatie

Op 1 januari 2013 start de proefperiode van de toegangspoort in Gent. Een zeer grondige evaluatie, inclusief het effect op het welbevinden van de cliënten in de jeugdhulp, is een absolute noodzaak vooraleer men uitrolt in het ganse landschap.

Lees hier het volledige standpunt van het Netwerk tegen Armoede.