BTW-plicht voor advocaten blijft, maar Grondwettelijk Hof laat een opening

23/2/2017
Het Grondwettelijk Hof heeft vandaag geoordeeld dat de btw-plicht voor advocaten, ingevoerd door de vorige federale regering, geen schending inhoudt van het recht op toegang tot de rechter. Advocaten, sociale bewegingen en armoedeorganisaties (waaronder het Netwerk tegen Armoede) hadden daarvoor een procedure tot vernietiging gevoerd bij het Hof. Het arrest van het Hof betekent dat de btw-plicht van 21 % voor advocaten gewoon behouden blijft. Tegelijk erkent het Grondwettelijk Hof wel dat dit de financiële drempel verhoogt voor de burger om rechtsbijstand in te roepen.

Het Hof geeft zelfs expliciet mee aan de federale regering om hiermee rekening te houden bij mogelijke andere maatregelen die een eerlijke toegang tot de rechter voor iedereen nog verder financieel zouden verzwaren. Die nuance kan van groot belang zijn in andere rechtszaken die de betrokken organisaties samen met het Netwerk tegen Armoede hebben ingespannen, onder andere rond de invoering van remgeld bij pro deo rechtsbijstand. Met uitzondering van enkele groepen zouden mensen ook in geval van pro deo rechtsbijstand een remgeld moeten betalen, dat hoog kan oplopen naarmate de procedure blijft aanslepen. Ook tegen deze hervorming loopt dus nog een procedure bij het Grondwettelijk Hof.